Exportwaarde Nederlandse Populaire Muziek stijgt naar recordhoogte van €247 miljoen

13 januari 2026

Groei van 12% ten opzichte van 2024

Er zit nog steeds aanzienlijke groei in de exportwaarde van de Nederlandse populaire muziek. Het vorig jaar bereikte record werd met 12% overtroffen, waardoor de waarde in 2025 ruim €247 miljoen bedraagt. Bij het eerste onderzoek in 2004, bedroeg die nog slechts €31,6 miljoen. Dit blijkt uit het jaarlijkse onderzoek naar de muziekexport, uitgevoerd door Perfect & More BV, in opdracht van Buma Cultuur. Buma Cultuur is opgericht door de Nederlandse auteursrechtenorganisatie BumaStemra en ondersteunt en promoot het Nederlands muziekauteursrecht, zowel in Nederland als in de belangrijkste exportmarkten voor de Nederlandse (niet per se Nederlandstalige) muziek.

Het bedrag van ruim €247 miljoen verwijst naar netto-opbrengsten van Nederlandse muziekactiviteiten in het buitenland, inclusief salarissen, winst en belastingen. Het onderzoek combineert data van rechtenorganisaties zoals Buma, Stemra en Sena, aangevuld met schattingen over december 2024. In 2024 waren 886 van de 1.256 onderzochte artiesten op enige wijze actief buiten Nederland. De totale exportwaarde omvat drie onderdelen:
Rechten (auteursrecht en naburige rechten): €42,7 miljoen (17,3%)
Exploitatie van opnamen: €7,8 miljoen (3,2%)
Optredens: €197,1 miljoen (79,5%)

Dance blijft een grootverdiener
Een aanzienlijk deel van de groei is gerealiseerd met de optredens buiten onze landsgrenzen. Met name artiesten in het genre elektronische muziek stonden veelvuldig op buitenlandse podia en behaalden daarmee een omzet van €165,6 miljoen. Daarnaast stonden opnamen van dance labels garant voor ruim €5 miljoen. Daarmee is dance goed voor bijna 69% van de totale exportwaarde. Op het gebied van Rechten (auteursrecht en naburige rechten) bedroegen de totale inkomsten €42,8 miljoen (17,8) en de exploitatie van opnamen behaalden zo’n €7,8 miljoen (3,2%).

Distant op vijf
n de Top 10 met artiesten met meeste optredens buiten Nederland behoudt Franky Rizardo zijn eerste plek op de ranglijst. Hij stond in het afgelopen jaar 130 keer op een buitenlandse ‘stage’. Afrojack, vorig jaar vijfde, is nu de runner up met 114 optredens, op de voet gevolgd door Mau P met 112 optredens. Tiësto, die al sinds het allereerste onderzoek terug te vinden is in de cijfers, is vierde met 109 shows buiten Nederland. Op de vijfde plaats is Distant, terug te vinden met 102 optredens. De ‘downtempo deathcore’-formatie is daarmee de eerste niet dance-gerelateerde artiest in de lijst. Lucas & Arthur Jussen staan op 9 met 87 optredens, een toename van 17 concerten. De 22e plaats is met 64 optredens gereserveerd voor de eerste vrouwelijke solo-artiest Ki/Ki. In de formatie Tramhaus, plek 12 met 82 shows, zijn twee vrouwelijke bandleden terug te vinden. Verder maakte de vorig jaar 80 jaar geworden Herman van Veen zijn rentree in de lijst met 58 shows in het buitenland.

Frank Helmink, directeur van Buma Cultuur, opdrachtgever van het jaarlijkse onderzoek: “Ik gaf vorig jaar aan de toekomst rooskleurig in te zien. Het verbaast me dus niet dat er groei is. Een groeispurt van wederom 12% is ronduit prettig en geeft aan dat er een blijvende vraag is naar muziek uit Nederland. Simpelweg omdat de kwaliteit van ‘onze’ muziek hoog is en blijft. Elektronische muziek behoudt het grootste aandeel, maar ik zie in de toekomst op veel meer plekken in de wereld de export toenemen, al was het alleen maar omdat Nederlandse componisten en producers overal ter wereld gevraagd worden om mee te schrijven aan muziek van lokale acts. En vlak ook onze invloed op metalgebied niet uit, zie de vijfde plaats van Distant, zij worden door de grootste acts mee op tour gevraagd. Ik vind nog steeds dat wij een topexportland als Zweden moeten kunnen evenaren en met een kwart miljard komen we gestaag dichterbij.”